itemid64

Ontpolderde Hedwige wordt tekentafelnatuur


Zierikzee, oktober 2013. In de weekendbijlage van De Stem en de PZC van 12 oktober jl. heeft de journalist Romain van Damme een reportage gewijdt aan de visie van ir. Wil Lases over de dreigende ontpoldering van de Hedwigepolder. Vandaar dat ikmaakmezorgen.nl uitgebreid aandacht aan de standpunten van Lases besteedt.

Samen met Adriaan de Kraker schreef hij in 2009 het artikel De Westerschelde, Natuurlijk?, waarin zij de verdieping van en de ontpoldering langs de Westerschelde in historisch perspectief plaatsen. Zij komen tot de opmerkelijke conclusie dat als verdieping en ontpolderingen doorgaan dan om veiligheidsredenen uiteindelijk een kering in de monding van de Westerschelde onvermijdelijk wordt. En, sinds de zeventiende eeuw is er sprake van geleidelijk terugwinnen van door eigen schuld verloren gegaan cultuurlandschap. Precies de tegenovergestelde redenering dan die van de milieubeweging. Lases is gepensioneerd waterbouwkundige en heeft een kleine vijftien jaar bij Rijkswaterstaat in de delta gewerkt. Vanuit zijn kennis als waterbouwkundige en door zijn studies naar de geschiedenis van de Westerschelde is Lases tot een eigen visie over de Westerschelde-problematiek gekomen. Hij benadrukt zijn onafhankelijkheid. Zijn visie is duidelijk vanuit zijn waterbouwkundige achtergrond tot stand gekomen en heeft geleid tot de conclusie dat ontpolderen geen bijdrage levert aan natuurherstel van de Westerschelde zelf.

lases-1

Alternatief voor ontpoldering Hedwige

Lases heeft een alternatief voor ontpolderen van de Hedwigepolder ontwikkeld voor het geval men ontpolderen wil doorzetten. Zijn alternatief kan te niet gedaan worden en is bedoeld om de natuur écht zijn gang te laten gaan.Lases heeft zijn alternatief ingediend in een zienswijze op het Rijksinpassinsplan voor de ontwikkeling van een intergetijdengebied in Hedwige- en Prosperpolder. Zijn alternatief omhelst de aanleg van een kokersluis in de zeedijk van de Hedwigepolder om (gedempt) getij toe te laten tot de Hedwige/Prosperpolder. De gronden met zijn infrastructuur worden in tact gelaten. “Als de hoogmogende heren in Brussel en Den Haag zeggen dat ontpolderen van de Hedwigepolder moet, doe het dan op deze manier en laat de natuurlijke grond intact. Monotoring kan de mate van verontreiniging van de opslibbing vaststellen. Het kan een reden zijn om direct te stoppen, de sluis dicht te zetten, en terug te keren naar de oude bestemming. Anders kan later alsnog besloten worden de verrijkte grond terug te geven aan de landbouw. Een dergelijk proces van verrijking zie je ook bij een overstroming. “Hij benadrukt dat zijn voorkeur uitgaat naar het

alternatief van het Zeeuwse Waterschap om buitendijkse schorren aan te leggen.

Tekentafelnatuur

Lases typeert het onder water zetten van de Hedwigepolder als ‘tekentafelnatuur’. De natuur zélf heeft een andere agenda. Het stoort hem dat er zeer eenzijdig naar natuur gekeken wordt en er geen respect meer is voor het land. Het woord ‘natuurherstel’ wordt in zijn ogen te pas en te onpas gebruikt. “Ik heb het liever over poldervernietiging. Nog altijd maken we de Westerschelde zélf ruimer voor de zee. Vervolgens graven we polders af om de zee nogeens extra ruimte te geven. De polders liggen ver boven de zeespiegel en zijn door de natuur zelf gevormd. De zoete gronden worden bewust verzilt, vandaar: poldervernietiging.”

FAO consigne

Het afgraven van de beschermende kleilagen en het graven van stroomgeulen, waarbij zelfs het veen niet ontzien wordt, maken ontpolderen tot een onomkeerbaar proces dat moeilijk te accepteren is. Dit is ook in strijd met het consigne van de voedseltop van de FAO in Rome uit 1996. In de officiële Nederlandse notitie ter voorbereiding van de Top staat: “Voorkomen moet worden dat de huidige landbouwgronden in de E.U. worden vrijgegeven voor bestemmingen, die hernieuwd gebruik voor voedselproductie in de toekomst uitsluit.” Het is onbegrijpelijk dat dit soort argumenten niet betrokken worden bij de besluitvorming van dit soort ‘natuuraanleg’.

Natuurbeweging

Lases vindt het jammer dat de natuurbeweging alleen vertelt over haar hoop op wat haar plannen te weeg zullen brengen, maar niet over wat zij kapot maakt…. Vandaar dat hij daar minder geliefd is en wil men liefst aan voorbij gaan. “Logisch. Ze zullen niet toegeven omdat het hun winkelnering is. Natuurherstel is een emotioneel begrip. Wie kan er nou toch tegen natuurherstel zijn? Probleem is dat tekentafelnatuur geen spontaan natuurherstel is. De natuur van de Westerschelde is niet meer in de vroegere staat terug te brengen. Wél moet er geprobeerd worden meer balans in het gedrag van de Westerschelde te brengen. Aan de Westerschelde zelf wordt niets gedaan. Ook ontpoldering van de Hedwige helpt niet. De Westerschelde is door verdiepingsrondes, zandwinning en baggerspeciebeleid op zowel de Zeeschelde als de Westerschelde uit balans.”

Baggerbeleid

Vraag web-redacteur: “Onlangs was staatssecretaris Dijksma in het Algemeen Overleg van  de Tweede kamer lovend over flexibel storten. Door dit nieuwe baggerbeleid is geen natuurcompensatie voor de derde verdieping nodig. Hoe is dit te rijmen met die onbalans in de Westerschelde?” Lases: “Dat is ten dele juist. Voor de derde verdieping was er een ander baggerbeleid dat tot meer sedimentverlies (Sediment is het zand en slib van de bodem) van de Westerschelde leidde. Dat beleid is bijgesteld. Nu wordt het gebaggerde materiaal slim op de plaatranden gestort. Het is continu banden plakken en oppompen geblazen om door te kunnen rijden. Je zorgt er voor dat hierdoor de Westerschelde niet verder uit balans raakt door de derde verdieping. Dijksma zwijgt echter over de zandwinning en het verlies van zand en slib aan de te ruim gemaakte Zeeschelde.Aan de gevolgen van de eerste twee verdiepingsrondes wordt voorbij gegaan; ook door de natuurverenigingen. Vooral die eerste verdiepingsronde in het begin van de jaren ’70 was van grote invloed op de bedding van de Westerschelde. Het veroorzaakte bovendien een toename van de verzilting. Bij de Hedwigepolder waar het eerst zoet was, is nu licht brak water te vinden. Het terugdringen van die verzilting zou dus wél een stukje natuurherstel zijn. En daar is bij de Hedwige- en Prosperpolder nu juist verontdieping en versmalling voor nodig in tegenstelling tot het huidige plan.

Getijslag

Het getij in Antwerpen is enorm toegenomen, met alle risico’s vandien. In de grafiek hiernaast is duidelijk te zien dat na 1970 bij Bath en hoger de rivier op het getij enorm toegenomen is. De Zeeschelde en Westerschelde zijn te ruim. De Westerschelde wordt steeds ruimer door zandwinning en door verlies van slib en zand aan de Zeeschelde. Dat is niet natuurlijk. Alleen de Noordzee doet aan natuurherstel van de Westerschelde, door slib te leveren. Maar dat is niet genoeg om het verlies elders goed te maken. Daardoor is het gedrag van de Westerschelde volledig uit balans.
Het is een complex verhaal. Vloed en eb, met getij-afhankelijke stroomsnelheden, zand- en slikbewegingen en ook nog eens veranderingen in zoutgehalten. Ga er maar aan staan. Fauna en flora spelen daar op in. Er is een grote verscheidenheid aan soorten en samenstelling. De gedragsverandering van de Westerschelde zorgt wél voor een verschuiving in de soortensamenstelling en dat gaat volgens de natuurorganisaties ten koste van de meest waardevolle natuur. Namelijk die van de intergetijdennatuur, de natuur tussen laag en hoog water.”

Natuurlijkheid

Vraag: “Is met die geforceerde diepgang tot 13,1 meter in de Westerschelde überhaupt nog een natuurlijk estuarium mogelijk?
Ja, tot de tijd van de verdiepingsrondes was er nog sprake van beperkt baggerwerk met name in het oostelijk deel. Het is niet realistisch om de huidige situatie terug te willen brengen tot die periode. Maar ook het vragen van Antwerpen naar steeds verder gaande aanpassingen van de Westerschelde is niet realistisch meer. Antwerpen is nog steeds alleen met zich zelf bezig, terwijl het deel uitmaakt van een groter geheel van zeehavens in de Nederlands-Vlaamse delta. Het gaat over één economie. Zeebrugge kan b.v. heel goed die zeer diep stekende schepen afwikkelen. In Vlissingen zouden die mogelijkheden ook kunnen komen. In deze tijd kan veel beter gekeken worden naar een effectievere afwerking en betere verdeling van het zeetransport op basis van de natuurlijke ligging van de havens. De aandacht van de haven van Antwerpen zou zich anders moeten gaan richten. Men moet zich echt de vraag stellen of men kost wat kost nog dat Saeftinghedok wil realiseren. Antwerpen heeft voor de vaart voor diepe schepen de grenzen eigenlijk al overschreden en dat kan het moeilijk te aanvaarden. Dan komen de mogelijkheden om dit zelf ondermijnend gedrag met de Westerschelde te beperken.

Lases merkt op dat er met het ontpolderen van de Hedwigepolder meer ruimte voor de zee komt, maar hij ziet dat juist niet als een voordeel. “Bij stormvloeden zal er nauwelijks verlaging van de waterstanden bij Antwerpen zijn. Voor Zeeuws-Vlaanderen is het zelfs onveiliger. Het nu voorgestelde inrichtingsplan vernietigt de natuurlijke bodem. Klei wordt afgegraven en afgevoerd. De bodem van de polder komt deels lager te liggen, meer dan vier meter.”

Vervuiling

Vraag: “De Stichting Red onze polders heeft een zienswijze over de Hedwige ingediend, waarbij ze vooral bezwaar maken tegen het vervuilde slib dat de Hedwigepolder straks binnenstroomt. Door de natuurbeweging wordt dit bestreden. Hoe zie jij die vervuiling?”
Antwoord: “Het aardige van de huidige wetgeving is dat, bij grote projecten als dit, degene die het project uitvoert moet zorgen voor een Milieu Effect Rapport waarin de gevolgen van de ingreep op het milieu in kaart gebracht zijn. Bij de voorlopige MER in 2006 werd alleen nog maar over de vervuiling van de Westerschelde door het landbouwgebruik in de Hedwigepolder gesproken. Vooral door het werk van toxicoloog C.W. Scheele heeft Imares de opdracht gekregen om de vervuiling van de Hedwige door het Scheldewater te onderzoeken. Hun rapportage is duidelijk over de vervuiling door PAK’s en PCB’s. Het staat er wel met bedekte termen in en wordt door de MER nog meer afgezwakt door te vermelden dat de laatste jaren de vervuiling afneemt. Het komt de plannenmakers niet uit, maar PAK’s en PCB’s zijn kankerverwekkende stoffen en hebben mogelijk invloed op de erfelijkheid. Vooral bij vogels die straks in de Hedwige foerageren kan dat gevolgen hebben. Ook al zijn die waarden lager geworden, toch dient men zeer alert te zijn. Ik heb de indruk dat de vogelbescherming het vervuilingsprobleem steeds negeert. Evenals dat het geval is met de zeer vervuilde bodem van het Land van Saeftinghe door het verleden.
Overigens zijn de MER-rapportages wel erg complex geworden en het voorliggende rijksinpassingsplan behept met alle bijlagen en studies duizenden bladzijden, waarop je binnen zes weken een zienswijze moet opsturen. Een opgave die voor een burger haast ondoenlijk geworden is. “

Mens als onderdeel van de natuur

Lases ziet de mens als onderdeel van de natuur. Evenals elke andere soort heeft de mens het recht om zijn mogelijkheden aan te wenden om zo lang mogelijk in de delta te overleven. Bij het steeds meer inbreken van de zee in het gebied dat we nu Westerschelde noemen, ging de mens zich tegen de toenemende hoge waterstanden beschermen en verdedigen door het hoog gelegen land te bedijken. Dat is een volstrekt natuurlijke zaak. We hebben steeds meer land verloren dan we konden terugwinnen. Maar de mens kan ook zeer destructief zijn door eng zelfbelang zonder de wissel te beseffen, die hij trekt op de krachten in de natuur. Voorbeelden zijn de buitensporige veenwinning in de 13e en 14e eeuw en de militaire inundaties in de Tachtigjarige Oorlog, waarbij 75% van Zeeuws-Vlaanderen onder water werd gezet.

 

afb-3-westerschelde-natuurlijkAfb. 3 van ‘De Westerschelde, natuurlijk?’ van A. de Kraker en W. Lases uit het Tijdschrift voor Waterstaatsgeschiedenis, (2009 nr 2)

 

 

Het laatste zorgde er voor dat de Westerschelde sterk uitschuurde, vooral in het oostelijk deel en dat verschillende aangrenzende polders hierdoor verloren gingen, zoals de Nieuwhofpolder (platen van Ossenisse), de Valkenissepolder (plaat van Valkenisse) en de Polder van Namen (nu onderdeel van het Land van Saeftinghe). Het land van Saeftinghe wordt verder gevormd door polders, die onder water zijn gezet en is geen land dat door de zee zelf is veroverd. Ook nu is de mens zelf ondermijnend (destructief) bezig door zelf de zee ongevraagd te voeden door te verdiepen en land te vernietigen, zonder maar enig gevoel op te brengen voor de natuur en zijn krachten. En dat voor de enige belangen van de haven van Antwerpen, waarbij het alleen naar zich zelf kijkt en de natuurverenigingen, die alleen uit zijn om land te bemachtigen voor projecten om hun eigen gedachten vorm te geven zonder acht te slaan op de bestaande natuur, zijn historie en zijn samenleving. Zo speelt nu het project Zwin. Omdat het Zwin door de natuur opslibt en een natuurgroepering dat niet mooi vindt, wil men nog veel meer land voor de zee bestemmen en zelf inrichten. De natuur gaat hier vervolgens toch weer anders mee om. In die zin hebben we al een voorbeeld met de Zwarte polder. Deze slibde ook door de natuur op. Het Zeeuwse Landschap meende echter dat dat niet de natuur was, die zij wenste. Dus werd tegen de natuur in afgegraven en heringericht. Van de Oud Breskenspolder (project Waterdunen) wordt een badkuip gemaakt met zout water op een zoetere ondergrond ten behoeve van de recreatie en men noemt dat natuurherstel Westerschelde. In het project Perkpolder worden zeer oude 12e en 13e eeuwse gronden (ouder dan de Westerschelde) van een hoge nes afgegraven voor getijdenatuur en men noemt dat natuurherstel Westerschelde. De grond van de oude Luyspolder, nu Hedwigepolder, wil men deels meer dan vier meter afgraven voor intergetijdenatuur om daar iets te maken, wat daar nooit geweest is en noemt dat natuurherstel Westerschelde. Hoe ver wil men doorgaan met deze misleiding, om een kleine machtige elitaire groep te wille te zijn?